Het overkomt u vast wel eens. U ziet schitterende actiefoto’s in de krant of in sportbladen en u vraagt zich af ’kan in dat ook?. Sportfotografie is een vak apart, maar met enkele nuttige tips kunt u ook betere sportfoto’s maken.
Het beste resultaat in sportfotografie bereikt u met een digitale spiegelreflexcamera. Deze camera’s beschikken over meer instellingen die nuttig kunnen zijn bij sportfotografie dan compactcamera’s. Spiegelreflexcamera’s hebben minder last van afdrukvertraging: het verschil tussen het moment van drukken en het daadwerkelijke moment van de foto. De vertraging is bij compactcamera’s meestal groter. Ook is het belangrijk dat u de actie kunt “bevriezen”. Dat kan door het handmatig kiezen van een snelle sluitertijd, of het kiezen van de instelling ’sport’ op de scèneknop van de camera.
Snelle sluitertijd instellen
Bij een spiegelreflexcamera kun je, in tegenstelling tot bij veel compactcamera’s, de sluitertijd handmatig instellen. Bij het vastleggen van snelle (sport) bewegingen heb je een sluitertijd nodig van 1/250 seconde of soms nog sneller, 1/500 sec en 1/1000 sec. (De sluitertijd is de tijd dat de sluiter van de camera op en dichtgaat voor het doorlaten van het licht voor het beeld).
Een voorbeeld: een auto rijdt 100 kilometer per uur, dat is 27,7 meter per seconde. Bij een sluitertijd van 1/60 seconde heeft de auto een afstand afgelegd van 27,7/60 = 0,46 meter. Een foto van de auto met deze sluitertijd zal onscherp zijn. Bij een sluitertijd van 1/1000 sec. heeft dezelfde auto een afstand afgelegd van 27,7/1000 = 0,027 meter. Die foto is scherp en “bevroren” zoals dat heet. Het gevolg van snelle sluitertijden is wel dat men grote lensopeningen met minder scherptediepte werkt en dat er soms gekozen moet worden voor hogere ISO-waarde.
Hogere ISO-waarde
De meeste compactcamera’s hebben niet de mogelijkheid van het handmatig instellen van de sluitertijd, maar ze hebben wel vaak een scènestand ’sport’. De compactcamera kiest dan automatisch voor een snelle sluitertijd, echter zonder dat u precies weet welke. Bij minder helder weer kan het zijn dat de foto’s nog onscherp zijn. Dan kunt het beste de ISO-waarde van de camera hoger instellen (400, 800 of 1600 ISO). ISO-waarde is de lichtgevoeligheid van de camera. Hoe hoger de ISO-waarde hoe meer het licht van door de camera wordt versterkt. Een nadeel van het versterken van licht is dat er ruis kan ontstaan. Hierdoor kunnen foto’s ’korrelig’ ogen.
Compositie en Timing
En dan komt het moment van de waarheid: de sportwedstrijd of actie die u wilt vastleggen. Kijk goed en anticipeer op wat gaat komen. Professionele fotografen werken met camera’s die tot 10 beelden per seconde gaan. Dat lijkt gemakkelijker, maar u dient zelf altijd de juiste compositie te bepalen. Compositie en timing zijn belangrijk voor goede sportfoto’s. Met een goede camera ben je er nog niet. Goede professionele fotografen hebben zoveel ervaring dat ze eigenlijk van tevoren al weten wat er gaat gebeuren en anticiperen daarop. Ga dus veel oefenen en geef niet op als het de eerste keren niet lukt.
Trek de camera mee
Sportfoto’s kunt u op verschillende manieren maken. U kunt beelden bevriezen, zoals we hebben besproken, maar u kunt ook bewust de camera meezwenken met de zelfde snelheid als van het object en zo een snelheidseffect creëren. In dit geval gebruikt u juist een lagere sluitertijd van 1/60 of 1/30 seconde. Het snelheidsheids bereikt u wanneer de achtergrond een bewegingsonscherpte krijgt terwijl het object scherp blijft.